Ik ben een gelukkig mens dat ik ondanks mijn beperkingen nog steeds de wereld mag ontdekken. Zo heb ik in de afgelopen week (virtueel) over onze globe meer dan 10.000 kilometer afgelegd van Oost naar West en minstens 6.000 kilometer van Noord naar Zuid, zeven landen bezocht en wel tien verschillende talen gehoord en dat allemaal dankzij de negen films die ik heb gezien in de bioscoop. Ik voel mij gevoed door deze immense culturele en menselijke diversiteit. Het heeft mij enorm verrijkt en dan heb ik het nog niet eens over de inhoud van de verhalen gehad. Ik ben intens dankbaar en heb weer veel in mijn dankbaarheidsdagboek kunnen noteren. Laat ik jullie meenemen op mijn ontdekkingsreis.
Waarom blog ik dit keer over mijn bioscoopbezoek? Laatst sprak ik met iemand die bijna met pensioen gaat en hij gaf aan bang te zijn dat hij zou gaan verstarren en blijven hangen in het verleden. Toen vroeg ik hoe het dan met mij zat, iemand die al drie jaar gedwongen met arbeidsongeschiktheidspensioen is. Het antwoord zette mij aan het denken. Ik had als nieuwjaarswens op een rijtje gezet wat ik allemaal had gedaan in het afgelopen jaar en waar ik dankbaar voor was geweest. Dat rijtje (waar ik onder andere 300+ films zien noemde) was volgens mijn gesprekspartner de reden dat ik niet tot stilstand was gekomen. Ik vond dat onzin. Is het zien van films in een bioscoop niet ontzettend passief waardoor ik toch zou verstarren of blijven hangen in het verleden?
Vervolgens deed in Nederland kou en gladheid zijn intrede en voelde ik de waarde van de woorden. Ruim twee weken kwam ik amper de deur uit en bezocht ik geen filmtheater uit angst voor wederom wat te zullen breken. Ik voelde wat ik tijdens de corona lockdown niet had gevoeld, namelijk stilstand, isolatie, een stram lijf en een lichte vorm van somberheid. Vorige week maandag zette de dooi in en vanaf dinsdag kon ik weer veilig over straat. Als een koe die een winter op stal heeft gestaan rende ik gelijk weer naar de bios en heb ik in de afgelopen week wel negen films gezien.
Mijn melancholie verdween en ik voelde mij gelijk weer fitter en weldadig gevoed. Je kan je afvragen of dit niet gewoon iets lichamelijks was want ik kon tenslotte ook weer wandelen. Dat kan zeker, hoewel ik ten tijde van de gladheid, binnen mijn fysieke mogelijkheden yoga weer had opgepakt. Natuurlijk is dit niet hetzelfde als stevig doorstappen, maar volgens mijn slimme horloge kwam ik daarmee toch op zo’n 75% van mijn gebruikelijke actieve energieverbruik. Los van de harde cijfers geloof ik als yogi in de onlosmakelijke verbondenheid van lichaam en geest. Dus ja, door het bioscoopbezoek was mijn lichaam blij en daarmee mijn geest ook, maar tegelijkertijd was mijn geest blij en daarmee mijn lichaam ook. Misschien is het totaal onbelangrijk wat nou de oorzaak of het gevolg was.
Feitelijk is naar een filmtheater gaan voor mij een fysieke en een uitdagende activiteit. Los van wat het zien van films voor mijn geest doet, wordt mijn lichaam al geprikkeld. Een vriendin zei iets gelijks: “Het doet er niet toe waarvoor je de deur uitgaat, maar alleen al de actie van het de deur uitgaan is stimulans genoeg om mijzelf vrolijker te voelen”. Ik herken dat heel erg.
Voordat ik in een bioscoop ben moet ik minstens een half uur reizen, ik loop, rij auto en reis met de metro. Vooral een metrorit vind ik stimulerend, want zelfs door stil in een hoekje te zitten, krijg je veel van de levens van andere mensen mee. Rotterdam is van oudsher een echte migranten-stad met tegenwoordig ook veel studenten en toeristen. Het blijft mij verbazen hoeveel vreemde talen ik soms, naast het Nederlands, in zo’n halfuurtje hoor. Zo’n OV-tripje is al mijn eerste blik op hoe divers, verrassend, herkenbaar, afwisselend maar ook niet te volgen de wereld buiten mij is. En dan ben ik nog niet eens in de bioscoop. Na het meeluisteren met de gesprekken in de metro is het tijd om te zien wat de films mij te vertellen hebben.
In de film Blue moon wordt de interne dialoog van een middelbare man, gespeeld door Ethan Hawk, getoond door zijn monoloog. Deze wordt gaande gehouden door zijn toehoorders (onder andere vertolkt door Margaret Qualley). Zitten mensen daarop te wachten? De hoofdpersoon is onzeker of het object van zijn liefde wel met hem samen wil zijn. De vraag is of hij alleen daardoor gepijnigd wordt of dat er bij hem een basisonzekerheid is. In dit geval gaat die onzekerheid misschien wel over postuur en uiterlijk. Zien anderen alleen ons uiterlijk of ook waar wij innerlijk voor staan? De onzekerheid of de ander jou wel wil of ziet, kan maken dat jij jezelf verliest in een zoektocht naar externe goedkeuring. Als je niet zonder die goedkeuring van anderen kan leven voelt het alsof je ten onder gaat wanneer je denkt deze niet te ontvangen. De hoofdpersoon blijkt zich dan ook te verliezen in drank en dat zal hem opbreken, weten we door de pro- en epiloog van de film. Deze gewone simpele film over één van de grootste Amerikaanse liedjesschrijvers inspireert mij om na denken over het leven. Door te reflecteren op de “condition humaine” zie ik beter hoe ik zelf door het leven vaar. Als je deze erg Amerikaanse film ook hebt gezien ben ik benieuwd wat het bij jou heeft losgemaakt.
Eigenlijk is de basisvraag dan toch of we goed genoeg zijn zoals we zijn. Misschien vinden we het antwoord in de volgende film. In de documentaire “Folktales“ spelen namelijk sledehonden een belangrijke rol en zij schijnen dat antwoord te hebben. Jongeren vanuit de hele wereld komen naar een klein Noors plaatsje boven de poolcirkel waar zij in een tussenjaar op een volksschool zichzelf kunnen ontdekken door onder andere samen te werken met elkaar en de honden, waar zij ook voor zorgen. De leraren geven aan dat honden je laten voelen dat jij goed genoeg bent zoals je bent. Een mooie boodschap uit deze zeer mindful gefilmde docu. Het bizarre is dat tegelijkertijd de pubers wordt voorgehouden dat ze er in dit schooljaar aan kunnen werken om de beste versie van zichzelf te worden. Eigenlijk raar dat je goed genoeg bent zoals je bent en dat je dan toch een betere 2.0 versie moet worden. Of niet. Pubers zijn nog bezig met zichzelf te ontdekken en nu ik zelf veertig jaar verder ben, merk ik dat we onszelf elke dag opnieuw ontdekken. Voor mij valt de tegenstelling weg als je bedenkt dat voor jongvolwassenen het wegpellen van onnodige lagen nodig is om hun pure ik te vinden. Ieders pure ik is altijd goed genoeg. Onze verzonnen persona, ons uiterlijk en onze verschijning die voldoen aan maatschappelijke of Insta-Tok-normen, leiden eigenlijk alleen maar tot onzekerheid. Want hoe kan je nou ooit voldoen aan een idee of norm waarvan je denkt dat iets of iemand dat van jou verwacht? Ik vermoed dat daar nooit aan te voldoen is omdat het vooral in je eigen hoofd zit. Vandaar dat zelfs de mooiste jongens en meisjes toch onzeker zijn. De jongeren die aan het eind van de film dat juk van fictieve normen van zich af hebben gegooid en hun eigen zielsverlangen achternagaan, lijken op dat moment gelukkig te zijn. Je kan het niet vroeg genoeg leren om op jezelf te vertrouwen. Mooi om mee te maken dat veel jonge mensen met hetzelfde worstelen als ik toen (en misschien nu nog steeds). Ik ben dankbaar dat ik met mijn oude krakkemikkige lijf dit mag meebeleven en ervan kan leren vanuit het comfort van een bioscoopstoel.
In het Koreaanse “Winter in Sokcho“ krijgen we nog een mooi verhaal over zoeken naar onszelf en onze identiteit. In dit geval gaat het om een jonge vrouw die haar Franse vader nooit heeft gekend. Jouw identiteit is niet afhankelijk van jouw ouders. En toch zoeken en vinden we onze kern vaak via onze ouders. We komen fysiek voort uit onze ouders. In principe zullen ons gedrag en onze normen gevormd worden door de omgeving waarin wij opgroeien. Als een of allebei de biologische ouders niet betrokken is bij de opvoeding blijken genen toch nog steeds door te werken op een manier die niet te begrijpen is. Ikzelf realiseerde mij na het overlijden van mijn moeder hoe zij mij beïnvloed heeft. Ik weet niet hoe het is om een afwezige ouder te hebben of hoe het is om geadopteerd te zijn, maar deze film liet mij voelen hoe een mens zoekende kan zijn naar haar of zijn oorsprong. Volgens mij is de zoektocht naar onze bron universeel. Blijkbaar is het voor een twintigjarige Koreaanse zowel hetzelfde als compleet anders. Mooi hoe deze film dit soort overpeinzingen losmaakt terwijl je ondertussen gewoon kan genieten van de Koreaanse landschappen, de Franse en Koreaanse taal, zinnelijke beelden en prachtige animaties in zwarte “Indische” inkt.
De oerbehoefte aan een compleet gezin komt ook aan bod in het zich in Tokyo afspelende “Rental family”. Het schijnt een typisch Japans verschijnsel te zijn dat je een acteur kan inhuren om bijvoorbeeld jouw vader te spelen zodat je met hem kan doen wat je nooit met jouw vader in het echte leven kon doen. Dit gegeven levert een simpele, mooie en onroerende film op met het hart op de goede plaats. Ondertussen wordt de zeer wezenlijke vraag gesteld wat verbinding betekent en ook wat voor rol we spelen in dit leven. Kan je iets echts door iets van namaak vervangen, terwijl je de essentie van het oorspronkelijke behoudt? Ik denk dat jouw rol in het leven is om jezelf te verhouden tot wat er op je afkomt en verbinding aan te gaan met zij die je lief zijn. Dit is slechts mijn idee. Wat waarschijnlijk altijd zal gelden is dat jij je zal moeten verhouden tot dat waarmee jij via jouw genen verbonden bent. Of je nou wil of niet. Een mooie les om aan herinnerd te worden.
Dat je hoe dan ook iets met jouw relatie met jouw ouders moet, wordt duidelijk in het Duitse “Was Marielle weiß”, waarin de dertienjarige hoofdpersoon plotseling helderziend wordt. Het is een mooi verhaal over hoe het in een harmonieus standaardgezin ook een uitdaging is om jezelf te zijn. Hoe eerlijk moet je naar je kinderen zijn? Kan jij jezelf zijn als jij je bekeken voelt door je kind? Mag jij als ouder laten zien hoe feilbaar je bent en dat je dingen doet die niet het goede voorbeeld zijn? De Engelsen zeggen dan ook vaak: “Do as I say. Don’t do as I do”. Dat vond ik als puber heel stom klinken, maar door deze film weet ik dat ik als mens wijzer ben geworden door mijn fouten en dat ik hoop dat ik mijn kinderen kan behoeden voor dezelfde fouten. Wil dat lukken dan moeten ze niet hetzelfde doen als ik deed. Dat klinkt mooi en lovenswaardig, maar ik zeg dit waarschijnlijk ook omdat ik gewoon een super-pappa wil zijn. Het is lastig om toe te geven dat ik maar een sukkel ben die strompelend door de mist van het leven gaat. Hoe eerlijk ben ik tegenover mijzelf en mijn kinderen? Het is goed dat deze Fantasy/Dramady-film laat zien dat vol in het leven staande Duitse dertigers hier net zo mee worstelen als deze oude Nederlander. We lijken meer op elkaar dan we verschillen.
Ook in de best realistische en heerlijke zwarte Deense romcom “Det nye år”, beter bekend als ”To New Beginnings”, blijkt dat het uitspreken van de waarheid en benoemen wat we voelen een uitdaging is en blijft. Tussen ouders en kinderen, maar ook tussen volwassen vrienden. We doen van alles bijna altijd met de beste bedoelingen en toch gaat het mis in onze communicatie, wat mooi te zien is in deze film. Bij elke meditatie merk ik dat mijn hoofd vol zit met gedachten, gevoelens, ideeën en intenties. De film laat mij weer eens zien dat over de hele wereld mensen hier last van hebben en dat de uitwisseling van gedachten door die volle hoofden moeilijk is. Laat ik een zachte blik hebben naar de ander en naar mijzelf als wij aan het praten zijn. We zijn het waard om mild naar elkaar toe te zijn. Wie weet loopt het in het echte leven dan net zo harmonieus af als in dit verhaal.
Maar waar gaat het toch mis? In het Franse “La vie privee”, een komische raadsel-oplosser met Jodie Foster (die jaloersmakend vloeiend Frans spreekt) als psychotherapeut van een overleden patiënt, zien we dat de werkelijkheid voor jou is wat jij je herinnert. We gaan er dan ook nog eens van uit dat als we onze herinneringen vertellen dat die dan ook echt waar zijn. Ook in dit luchtige vermaak merken we dat de waarheid is dat ons ego keer op keer maar weer kloppende verhaaltjes in ons hoofd spint. Eigenlijk is het dan niet raar dat het zo moeilijk is om onszelf en de ander werkelijk te begrijpen. Blijkbaar maakt het niet uit of jij je in Nederland of in Normandië bevindt.
In het impressionistische “The chronology of water” gaat het over misbruik en wat dat doet met degene die het overkomt. Wat zijn herinneringen behalve flarden van impressies die toevallig bij je zijn blijven hangen? Ook hier is de vraag wat waar is. Bestaat de werkelijkheid en is die zo mooi chronologisch als we in onze verhalen vertellen? In dit drama worden geen antwoorden gegeven, maar we zien wel dat de hoofdpersoon zich verdooft met drank, drugs en seks. En al die pogingen om de chaotische en pijnlijke geheugenflitsen weg te drukken blijken niet te helpen bij de pijn en het lijden. De film is afstandelijk maar bij de aftiteling merkte ik dat er bij mij meer van het leed is binnengekomen dan ik had gedacht. Het is de debuterende regisseur Kristen Stewart dus gelukt om mij te doen voelen hoe het is als de pijn doordringt door de mist van het verleden. Dit was geen leuke, maar wel een waardevolle bioscoopervaring.
Ook in “Song Sung Blue”, de laatste film die ik hier de revue laat passeren, zien we de hoofdpersonen zich verdoven om maar niet bij de pijn uit het verleden te hoeven blijven. We zien daarbij dat als je maar doorgaat met jezelf te vervuilen dit hele nare gevolgen kan hebben. Er is voor mij, als man met NAH, in dit feel-good drama een zeer herkenbare scène waarin een van de hoofdpersonen, gespeeld door Kate Hudson, wakker wordt en zich even niet meer kan herinneren dat zij een beperking heeft en door op te staan daar pijnlijk aan herinnerd wordt. Alle ellende in de film is dragelijk doordat je heerlijk de Neil Diamond liedjes kan mee-neuriën of desnoods blèren. Deze film is voor mij balsem voor de ziel, niet omdat het de harde realiteit van het leven ontkent; juist niet, maar omdat het laat zien dat het leven uit momenten of flarden bestaat die de ene keer minder fijn zijn en de andere keer juist gelukkig makend. We liepen daarom ondanks alles blij de zaal uit na deze tribute-band-film.
Je kan je misschien afvragen hoe het bestaat dat deze yogi die allemaal “hoogdravende” blogs over meditatie schrijft nu ineens tussendoor zo uitgebreid over films vertelt. Ik hoop eigenlijk dat je dat helemaal niet verbaast. Voor mij is meditatie is immers het bewust richten van je aandacht om zo jezelf en jouw geest te leren kennen. In de bioscoop richt ik zo’n twee uur in het donker mijn aandacht op het verhaal van anderen. De verhalen zijn in andere talen, landen en culturen en met mensen in hele andere levensfases dan ik. In de verhalen van de ander herken ik ondanks alle verschillen toch mijzelf en door dat te zien, krijg ik steeds meer inzicht in mijzelf en ook hoe mijn geest werkt. Ik vind films gewoonweg heerlijk, spannend, gruwelijk, emotioneel en ook grappig, romantisch en ontspannend. Dat gevoel is voedend op zichzelf, maar als het mij lukt om door die film ook nog een heel klein beetje op mijzelf te reflecteren heb ik het idee dat ik, net als de pubers in de films, op mijn leeftijd nog steeds een beetje dichter bij mijn zielsverlangen kom en steeds weer ontdek dat ik mag vertrouwen op mijzelf en dat ik goed genoeg ben. Ik vertrouw erop dat je nu begrijpt waarom ik zo dankbaar ben dat ik nog steeds de wereld kan ontdekken. Het enige wat ik hoef te doen is de deur uit te gaan met een open hart, geest en blik.
Ik ben Jan Monster, de blogger van Wat zegt Jan.
Je kunt hier contact met me opnemen.
Wil jij dagelijks citaten uit mijn blogs zien of geen blog missen,
volg dan de Wat zegt Jan-pagina’s op:
Bluesky, Facebook, Instagram, LinkedIn, Threads, WordPress.com en X
of op letterboxd voor inspirerende filmtips



























