Sinds ik opa ben, realiseer ik me hoe waardevol het is om simpelweg liefdevol aanwezig te zijn. Gewoon er zijn in het leven blijkt eigenlijk best lastig. Als je meer verlangt dan mogelijk is, komt vaak verdriet om de hoek kijken. Gelukkig laat ons kleinkind zien dat het juist heel eenvoudig kan. Soms hoef je er alleen maar voor de ander te zijn. Dat geldt voor iedereen, ongeacht generatie of leeftijd. Het is een genot om dit samen te mogen ontdekken.
Toen ik tien was, hoorde ik Peter Koelwijn op de radio zijn hit zingen met de tekst: “Je wordt ouder pappa, geef ’t maar toe. Je bent nog snel maar ook eerder moe”. Die herinnering kwam bij me op toen ik bijna twee jaar geleden mocht vertellen dat ik opa zou worden. Ik voelde alleen maar blijdschap, al reageerden sommige mensen meteen met: “Nou, dan ben je echt oud.” Het lijkt erop dat de buitenwereld het krijgen van een kleinkind als hét bewijs van ouderdom ziet. Zelf voel ik nog steeds de vreugde van mijn innerlijk kind als ik bezig ben met mijn Lego-hobby of als ik geniet van een Pixar-film.
Ik ben steeds weer dankbaar dat ik nog altijd zulke heerlijk kinderlijke dingen mag doen, naast mijn meer volwassen bezigheden zoals meditatie, bloggen of samen met vrienden een biertje drinken. “Ik geniet nooit met mate maar met maten” is al jaren een van mijn favoriete dooddoeners. Sinds mijn hersenletsel zijn deze activiteiten echter wel in een andere verhouding dan vroeger. Lego heb ik pas na mijn CVA herontdekt en terwijl ik voorheen slechts drie keer per jaar naar de film ging, ga ik de laatste maanden soms wel drie keer per week. Ik deed vroeger veel meer dan nu mogelijk is, opa wordt nou eenmaal eerder moe, maar opvallend genoeg lijkt het erop dat ik juist bijna alleen nog maar leuke dingen mag doen. Eén van mijn nieuwe favoriete uitspraken is dan ook: “Gelukkig zit geluk naast ongeluk ook in een klein hoekje.” Door onvoorziene omstandigheden heb ik extra tijd voor leuke activiteiten.
De vraag is of een kleinkind valt onder iets leuks of iets dat je moe maakt. Voor ik deze vraag beantwoord, wil ik terugblikken op wat ik eerder schreef over mijn rol als vader. Als tiener droomde ik al van het vaderschap en vanuit die wens heb ik zowel positieve als minder handige keuzes gemaakt in de opvoeding. Inmiddels besef ik diep dat kinderen hun eigen weg gaan en dat ik vooral moet kijken naar wat zij nodig hebben, in plaats van te handelen vanuit mijn eigen verlangens. Dit inzicht kwam weer bij me op toen ik hoorde van een oma die iedere dag een uur rijdt om haar kleinzoon te bezoeken. Ik begrijp haar verlangen, maar is dit goed voor haarzelf, haar kind of haar kleinkind? Hoewel ik geen definitief antwoord heb, probeer ik voortaan eerst uit te gaan van de wensen van mijn (schoon)kind en kleinkind. Nu ben ik immers zelf een ouder van een ouder geworden; dat is anders ouder zijn, maar mijn inzicht blijft hetzelfde.
Mijn kijk op ouderschap verandert voortdurend. Als tiener had ik slechts een verlangen, terwijl ik in mijn twintiger jaren een groot verantwoordelijkheidsgevoel ervoer, en als veertiger leerde ik loslaten. Destijds dacht ik anders over het vaderschap dan nu. Inmiddels besef ik dat mijn voorstelling van opa zijn altijd vrij vaag is geweest. Waarschijnlijk komt het doordat ik zelf direct betrokken was bij de vraag of ik vader werd of niet. De rol van opa hangt daarentegen af van onze zonen. Tijdens een van onze laatste gezinsvakanties gaven zij allebei aan geen behoefte te hebben om onze genenlijn voort te zetten. Ik had dus niet verwacht opa te worden.
Ik dacht altijd (vaag) dat ik een fitte en actieve opa zou worden als het zover was. Hoewel ik gezond leefde door niet te roken en te drinken en wel voldoende wist te bewegen en ontspannen, overkwam mij toch een grote verandering. Het bekende gezegde “Het leven is wat je gebeurt terwijl je plannen maakt” werd ineens werkelijkheid voor mij. Door een minuscuul scheurtje in mijn carotis veranderde alles; mijn toekomstbeeld als handige opa die luiers verschoont, hapjes geeft en verhaaltjes voorleest, werd opeens onrealistisch. Sommige dingen kan ik echt niet meer veilig doen, andere alleen nog in aangepaste vorm. Toen we het blijde nieuws hoorden van de zwangerschap en werden overspoeld door dat gevoel van geluk, besefte ik ook dat deze euforie nu gepaard ging met een realistische ondertoon.
Het realisme verdween meteen toen ons kleinkind ter wereld kwam. Alleen pure vreugde en intens geluk bleven over. Toen ik haar voor het eerst vasthield, voelde ik me compleet smelten. Wat is dit mensje welkom. Zoals ze nu is, is ze goed genoeg. Regelmatig blog ik dat dit ook voor mij en jou geldt, maar zij laat dit besef op een heel bijzondere manier zien. En niet alleen ik voel dat. Ook haar ouders, alle opa’s en oma’s, ooms, tantes en vrienden dragen bij aan dat warme, liefdevolle energetische bad waarin zij welkom is. Het is bijzonder hoe je je met een klein mensje zo verbonden voelt. Alleen al door haar aanwezigheid. Ze hoeft niets te bereiken of te worden, gewoon zichzelf zijn is meer dan genoeg.
Een pasgeborene bezit iets dat wij als volwassenen vaak zijn kwijtgeraakt: alles accepteren zoals het is en simpelweg aanwezig zijn in het moment. Misschien zijn we ons hele leven wel onderweg terug naar die oorspronkelijke staat. Net zoals ik ooit schreef dat ik graag als onze hond zou willen zijn, zou ik nu ook willen zijn als ons kleinkind. Zij was de eerste weken zonder oordeel onlosmakelijk onderdeel van de oersoep die het universum op dat moment nog voor haar was. In de animatiefilm “Amélie et la métaphysique des tubes“ wordt prachtig weergegeven wat ik in haar blik herkende.
Ze begon al snel met het ontdekken van de wereld, vol openheid, nieuwsgierigheid en vriendelijkheid. Het is echt prachtig om dat mee te maken. Alles wat ze tegenkomt is nieuw en wordt met de frisse blik van een beginner benaderd. Elk detail wordt onderzocht, opgezogen, uitgeprobeerd en als iets niet lukt, probeert ze het gewoon opnieuw. Die eerste maanden waren een periode vol herhaling en doorzettingsvermogen. Inmiddels, zou mijn moeder zeggen, is er een sterke wil zichtbaar. Ze weet precies wat ze wil en geeft dat duidelijk, herhaaldelijk en volhardend aan. Haar directe verbinding met haar behoeften is bewonderenswaardig en ik hoop dat ze die eigenschap nooit verliest. Vind ik haar een prachtig mens omdat ik haar opa ben? Nee toch? Iedereen met een warm hart zal dat zo voelen. Misschien wel.
Toen onze kinderen uit huis gingen, begon mijn rol als ouder al te veranderen. Sinds ons kleinkind er is, voel ik me meer een mede-ouder dan een ouder. Ik ben met recht anders ouder geworden. Mijn vaderschap ziet er nu wezenlijk anders uit en door mijn letsel ben ik op een andere manier ouder geworden dan ik had gehoopt, waardoor ik minder een praktische opa kan zijn. Men zegt vaak dat je pas aan een nieuw hoofdstuk kunt beginnen als je het vorige hebt afgesloten, maar ik ervaar juist dat ouder worden bijna ongemerkt stap voor stap gebeurt. Toch brengt het afscheid nemen van bepaalde dingen steeds een heel klein beetje verdriet met zich mee.
Misschien is het verdriet dat ik voel eigenlijk afkomstig van verschil tussen hoe ik nu ben en hoe ik verwacht had te zullen zijn. Dat besef leer ik van mijn kleinkind. Zij heeft geen verwachtingen zoals ik. Voor haar is mijn lamme handje, het vreemde zitten op de grond of het langzame tempo (nu nog) helemaal niet raar. Het kan wensdenken of projectie zijn, maar ik geloof dat ons kleinkind gelukkig is zodra wij er gewoon alleen maar zijn. Onze liefdevolle aanwezigheid is genoeg, net als de hare dat voor ons is.
Ik ben Jan Monster, de blogger van Wat zegt Jan.
Je kunt hier contact met me opnemen.
Wil jij dagelijks citaten uit mijn blogs zien of geen blog missen,
volg dan de Wat zegt Jan-pagina’s op
Bluesky, Facebook, Instagram, LinkedIn, Threads, WordPress.com en X.
of op letterboxd voor inspirerende filmtips.




